Casusfilm Aangifte Overlijden - Methodiek Sggv voor publiek-private ketensamenwerking

Home / Beproefd binnen 17 casussen / Aangifte overlijden

Aangifte overlijden

Betere dienstverlening en minder papierwerk: uitvaartverzorgers gaan digitaal aangifte doen van overlijden.

In Nederland overlijden jaarlijks ruim 135 duizend mensen. Binnen zes werkdagen na een overlijden moet daarvan aangifte worden gedaan bij de Burgerlijke Stand in de gemeente van overlijden. In dit bewerkelijke proces zijn uitvaartondernemers, begraafplaatsen, artsen, gemeenten en het CBS betrokken.
 

Knelpunt

Meestal verzorgden de uitvaartverzorgers de aangifte in opdracht van de nabestaanden. Hiervoor moeten ze vaak de benodigde verklaring van overlijden ophalen bij een arts om vervolgens in de gemeente van overlijden aangifte te doen bij de balie van de afdeling Burgerzaken. Uitvaartverzorgers zijn veel tijd kwijt met het heen en weer rijden tussen artsen, nabestaanden en gemeenten, en voor het loket van Burgerzaken.
 

Besparing en betere planning

Gemeenten en uitvaartverzorgers hebben samenwerkend binnen Sggv deze problematiek verkend. Daarbij is gebleken dat het digitaliseren van de aangifte van overlijden een forse lastenvermindering betekent voor de uitvaartverzorgers. Gemeenten hebben daardoor minder toeloop aan de balies tijdens openingsuren en kunnen het werk beter spreiden gedurende de dag. Om de potentiële besparingen voor gemeenten verder te verhogen, is in de casus nadrukkelijk rekening gehouden met bijvoorbeeld de randvoorwaarden voor de nieuwe burgerzakenmodules. Op deze manier kunnen gemeenten de digitale aangiften in de toekomst ook volledig digitaal verwerken.
 

Nieuwe werkwijze

In de casus hoeven uitvaartverzorgers niet langer voor elke aangifte apart naar de gemeentelijke balie, maar hoeven ze slechts eens per maand de aangiften te onderteken op het gemeentehuis. Als de Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand van kracht is geworden, vervalt ook deze verplichting en kan de aangifte volledig digitaal worden verzorgd. De casus is in december 2012 voltooid en overgedragen aan de ketenpartners.

Betrokken ketenpartners