De cowboys in het gareel krijgen

De branchevereniging voor asbestverwijderaars VVTB constateert dat sommige bedrijven nog laks met de regels omspringen. Dat is ontoelaatbaar met het oog op de gezondheidsrisico’s van asbest. Wanneer Sggv asbestverwijdering als casus oppakt, is voorzitter van de VVTB Johan van Antwerpen er dan ook vanaf het begin bij betrokken. Er wordt goed naar het bedrijfsleven geluisterd, zo merkt Van Antwerpen. Hij ziet de toekomst dan ook met vertrouwen tegemoet. Er is al veel verbeterd.

In 1993 wordt het gebruik van asbest verboden vanwege de gezondheidsrisico’s. Er zit dan al acht miljoen ton asbest in vastgoed verwerkt, dat er allemaal weer veilig uit verwijderd moet worden. Johan van Antwerpen ziet het gat in de markt en haalt ogenblikkelijk de benodigde certificaten met zijn sloopbedrijf. Maar lang niet iedereen werkt zorgvuldig: “er was veel wildgroei. Allerlei bedrijven doken erop. Cowboys, die zonder bescherming werkten en zichzelf en anderen in groot gevaar brachten.” In de loop van de jaren wordt regelgeving voor asbestverwijdering steeds strenger, maar de naleving ervan laat te wensen over. De illegaliteit blijkt hardnekkig, en paradoxaal genoeg wordt je ‘bestraft’ als je asbestverwijdering volgens de regels bij de overheid meldt. Dan kan er een toezichthouder op inspectie langskomen, terwijl verwijderaars die niet melden vaak ongestoord hun gang kunnen gaan. Daar komt nog bij dat de wettelijk verplichte meldingen hoge administratieve lasten met zich meebrengen.

De VVTB haakt dan ook direct aan wanneer Sggv asbestverwijdering als casus oppakt. Dat doen ook de branchevereniging voor woningcorporaties en de toezichthouders. Samen brengen ze in kaart waar in de branche de schoen wringt, en helpen mee het Asbestvolgsysteem (AVS) te ontwerpen. Het AVS is een ICT-toepassing die de administratieve lasten voor de bonafide bedrijven vermindert, doordat zij digitale informatie vanuit een eerdere stap in de asbestketen kunnen hergebruiken. En het is een goede stap op weg naar het uitbannen van de illegaliteit, want alle asbestverwijderingsbedrijven worden straks verplicht om te werken met de opvolger van het AVS: het Landelijk Asbest Volgsysteem (LAVS). Als een malafide bedrijf dat toch verzuimt, is het voor de toezichthouders simpel: niet in het systeem = niet in orde. Inspecties kunnen dan veel gerichter worden uitgevoerd en bonafide bedrijven worden niet meer ‘bestraft’ voor werken volgens de regels.

“Ik verwacht nog een hele grote berg asbest op plaatsen en toepassingen die we nu nog niet kennen”, aldus Van Antwerpen. Hij voorziet dus nog ruimschoots werk voor de branche. Werk dat door de invoering van het LAVS veiliger gaat worden uitgevoerd. Van Antwerpen ziet de toekomst dan ook met vertrouwen tegemoet, maar heeft een duidelijke oproep voor de toezichthouders: “asbestverwijderaars lossen een maatschappelijk probleem op, maar kunnen dat niet alleen. Dus werk samen, want samen sta je sterker.”